De trein vertrekt om 11:45, we moeten er om 11:30 zijn en de afstand is 21 kilometer. Als je om 9:15 vertrekt moet je dus ruim de tijd hebben, denk je. De eerste kilometers over een goed geasfalteerde weg, die ook nog vlak is, gaan ook voorspoedig. Maar dan komt de afslag naar Pukerangi. Direct rijden we afwisselend door strand en grindpad, en ook nog eens op en neer. We slippen steeds weg, en komen nauwelijks vooruit. Ook de wielen gaan weer los zitten. Als we na drie kwartier asfalt zien, denken we eerst aan een fata morgana, maar het blijkt waar. Relaxt fietsen we verder. Totdat we een steile heuvel tegenkomen, een hele steile heuvel. En dan wordt het snel later. En heter trouwens. Het zweet druipt van onze lichamen, want het is alweer (tenminste, sinds dat we in de buurt van Alexandra zijn) boven de 25 graden. Met veel moeite komen we boven, en nog een keer boven (de top was dus nog niet bereikt), en nog een keer boven. Op het moment dat we weten dat we het zelfs lopend nog zouden kunnen halen, worden we rustiger, en dat het laatste stuk weer over gravel gaat is meer vervelend dan hinderlijk.
De treinreis op de Taieri Gorge Railway wordt aanbevolen als "one of the world's great train trips". De kloof is mooi, de uitzichten leuk, de trein is gammel en heeft zo ook z'n charme, je kunt buiten op het bordes staan, maar overdrijven is ook een vak. We dalen langzaam maar zeker af naar de kust, en even voor dunedin komen we op het 'reguliere' spoor terecht. Er moet met Wellington gebeld worden om toestemming te krijgen hierop te gaan. En na vijf minuten hebben we die ook.
Dunedin heeft een mooi oud stationsgebouw en heel veel heuvels. En laat de camping nu net over een extra lange en steile liggen. Duwend en zwetend komen we boven. Maar de camping heeft wel een verwarmd binnenzwembad, en dat vergoed veel (voor Jelmer en Bauke).