De vijfde fietsdag. Na de rustdag van gisteren (die natuurlijk helemaal in het teken staat van spelen met de kinderen in het plaatselijke zwembad, wassen, boodschappen doen en op zoek naar een nieuwe reserve binnenband, dus van rusten is niet echt sprake) moeten we er nu aan geloven. De eerste serieuze heuvels doemen op. Gelukkig laat de aangekondigde noord-wester storm op zich wachten en rijden we met rustig zonnig weer weg. De heuvels zijn inderdaad zwaar. Ze zijn niet hoog, maar de wegen in Nieuw Zeeland zijn niet ontworpen met fietsers in het achterhoofd, en dus vond men een extra procentje stijging nooit een probleem. Het zijn dus korte stukjes steile weg die ons naar onze laagste versnelling doen zoeken. Die laagste versnelling blijkt overigens niet laag genoeg met al onze bagage. We rijden op met een echtpaar uit Canada die mountain bikes hebben, en zij kunnen moeiteloos een paar tandjes lager schakelen, en zo nog langzamer, maar wel fietsend, bovenkomen. Gelukkig kunnen wij ook bijna alles fietsend doen, en stapt Erica slechts een keer af om 100 meter te duwen. Tijdens de lunch zien we de storm ten westen van ons passeren, en droog en tevreden rijden we rond 14:15 Fairlie binnen.